Onze Vader … laat Uw Naam geheiligd worden

Een prachtig verbredend stukje over de relatie tussen ‘Onze Vader’ en ‘laat Uw Naam geheiligd worden’.

When we call God ‘Father’, we are called to step out, as apprentice children, into a world of pain and darkness. We will find that darkness all around us; it will terrify us, precisely because it will remind us of the darkness inside our own selves. The temptation then is to switch off the news, to shut out the pain of the world, to create a painless world for ourselves. A good deal of our contemporary culture is designed to do exactly that. No wonder people find it hard to pray. But if, as the people of the living creator God, we respond to the call to be his sons and daughters; if we take the risk of calling him Father; then we are called to be the people through whom the pain of the world is held in the healing light of the love of God. And we then discover that we want to pray, and need to pray, this prayer. Father; Our Father; Our Father in heaven; Our Father in heaven, may your name be honoured. That is, may you be worshipped by your whole creation; may the whole cosmos resound with your praise; may the whole world be freed from injustice, disfigurement, sin, and death, and may your name be hallowed. And as we stand in the presence of the living God, with the darkness and pain of the world on our hearts, praying that he will fulfill his ancient promises, and implement the victory of Calvary and Easter for the whole cosmos—then we may discover that our own pain, our own darkness, is somehow being dealt with as well.

This, then, I dare say, is the pattern of Christian spirituality. It is not the selfish pursuit of private spiritual advancement. It is not the flight of the alone to the alone. It is neither simply shouting into a void, nor simply getting in touch with our own deepest feelings, though sometimes it may feel like one or other of these. It is the rhythm of standing in the presence of the pain of the world, and kneeling in the presence of the creator of the world; of bringing those two things together in the name of Jesus and by the victory of the cross; of living in the tension of the double Advent, and of calling God ‘Father’.

Tom Wright, The Lord and His prayer.

Het boek is vertaald in het Nederlands. Ik heb, bij gebrek aan die vertaling, hieronder een poging ondernomen zelf te vertalen.

Wanneer we God Vader noemen, dan worden we geroepen om naar buiten te gaan, als leerlingen, in een wereld van pijn en duisternis. We zullen ontdekken dat de duisternis ons omgeeft; het zal ons afschrikken, omdat het ons herinnert aan de duisternis in onszelf. De verleiding is om het nieuws uit te zetten, de pijn van de wereld uit te bannen, een pijnloze wereld voor onszelf te creëren. Een groot deel van onze huidige cultuur is ontworpen om exact dat te doen. Het is logisch dat mensen het dan moeilijk vinden om te bidden. Maar indien wij, als mensen van de levende en scheppende God, antwoorden op Zijn roep om Zijn zonen en dochters te zijn, als we het risico nemen Hem Vader te noemen, dan worden we geroepen om mensen te zijn door wie de pijn van de wereld gehouden wordt in het helende licht van Gods liefde. En dan ontdekken we dat we dit gebed willen bidden, moeten bidden. Vader; Onze Vader; Onze Vader in de hemel; Onze Vader in de hemel, laat Uw Naam geheiligd worden. Dat betekent dat Hij door de hele Schepping aanbeden zal worden, dat de hele kosmos Zijn lof zal doen weerklinken, dat de hele wereld bevrijd zal worden van onrechtvaardigheid, beschadiging, zonde en dood en dat Zijn naam geheiligd zal worden. En als we staan in de aanwezigheid van de levende God, met de duisternis en pijn van de wereld in onze harten, biddend dat Hij Zijn eeuwenoude beloften zal vervullen en de overwinning van Golgotha en Pasen zal realiseren in heel de schepping, dan zullen we misschien ontdekken dat er met onze eigen pijn en duisternis ook op een of andere manier afgerekend wordt.

Dit is, durf ik te zeggen, het patroon van christelijke spiritualiteit. Het is niet het zelfzuchtig najagen van eigen geestelijke vooruitgang. Het is niet de vlucht van de ene naar de Ene*. Het is niet zomaar roepen in een leegte en evenmin in aanraking komen met ons eigen diepste gevoelens, ondanks dat het soms wel op het ene of het andere lijkt. Het is het ritme van staan in de aanwezigheid van de pijn van de wereld en knielen in de aanwezigheid van de Schepper van de wereld; het ritme van deze beide zaken samen te brengen in de naam van Jezus, door de overwinning van het kruis; het ritme van leven in de spanning van de dubbele Advent** en van God ‘Vader’ te noemen.

 

* Wright verwijst naar een uitspraak van Plotinus. Het individu dat, los van anderen/de wereld, naar God zoekt/vlucht. Dit terwijl het Nieuwe Testament zeer duidelijk maakt dat dat onmogelijk is. Helaas kenmerkend voor de spiritualiteit van veel (westerse) christenen.

** Eerder in het boek spreekt Wright hierover. We leven tussen de dubbele advent, de eerste en tweede komst van Jezus.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.