Artikel 6: Hij is opgestegen naar de hemel, zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader

credoArtikel 6 is het enige artikel dat in de apostolische geloofsbelijdenis langer is dan in die van Nicea. Dit artikel is ook opvallend, omdat in de geloofsbelijdenis een redelijk aantal artikels over Jezus gaan, maar enkel bij dit artikel (‘zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader’) lezen we iets over het heden.

Wat is de hemel of het paradijs? Er worden veel dingen over beweerd en geschreven, maar de vraag is wat we er eigenlijk echt van weten. In een lied als opwekking 498 wordt gesproken over de stad met gouden straten, het hemelse Jeruzalem, waar altijd feest is, iedereen danst en de wijn blijft stromen. In Openbaring lezen we vrij duidelijk dat het nieuwe Jeruzalem een beeld is van de gemeente, in haar verheerlijkte toestand. Om dan te zeggen dat de hemel of het paradijs een plaats zal zijn met gouden straten, waar altijd wijn blijft stromen… twijfelachtig.

Wat weten we wel? Ouweneel refereert naar drie Bijbelteksten: Lucas 23:43, Filippenzen 1:23, 2 Korintiërs 5:8. We zullen er met Jezus zijn.

Opgestegen naar de hemel

Is Jezus opgestegen (opgevaren) of werd Hij opgenomen? In het eerste geval is Hij zelf actief, in het tweede geval passief. We zien in het Nieuwe Testament dat Jezus God én mens is. Het concilie van Chalcedon (451 n.Chr.) zei het als volgt: ‘Hij is waarlijk God en waarlijk mens’. Afhankelijk van de Bijbelteksten ligt de nadruk meer op het een of op het ander.

  • Handelingen 2:23-36 – Jezus werd gedood door joden en Romeinen (mens). Johannes 10:17 – Hij heeft de macht Zijn leven af te leggen en weer terug te nemen (God).
  • Romeinen 6:4 – Hij is opgewerkt door God, tot heerlijkheid van de Vader (mens). Johannes 2:19-22 – Jezus is opgestaan (breek deze tempel af en in drie dagen zal Ik hem doen verrijzen) (God).
  • 1 Timoteüs 3:16 – opgenomen in de hemel (mens). Efeze 4:10 – opgevaren naar de hemel (God)
  • Handelingen 10:39-43 – door God gezet aan de rechterhand (mens). Hebreeën 1:3 – zelf gaan zitten aan de rechterhand (God).

Jezus heeft, ook na Zijn opstanding, een menselijke kant. Het is een theologische vraag in hoeverre Hij daardoor verschilt, ten opzichte van voor Zijn komst in de wereld.

De geloofsbelijdenis laat Jezus’ komst naar de aarde, Zijn dood en opstanding en Zijn plaatsneming aan de rechterhand van de Vader zien als een eenheid. Dit is een standpunt tegen enkele ideeën uit de vroege kerk: de adoptianisten (Jezus was slechts mens en werd door God geadopteerd), maar ook de monofysieten (Jezus had enkel een goddelijke natuur, weliswaar in een menselijk lichaam).

Hemelvaart is voor ons een feest waar weinig aandacht aan geschonken wordt. Voor de meeste christenen is het niet meer dan het begin van een verlengd weekend. Wat mij betreft, mogen we vieren dat Jezus daar is en doet wat in het volgende punt uitgewerkt wordt.

Zit aan de rechterhand van God, de almachtige Vader

Jezus kondigde dit aan (Marcus 14:61-64) en dat werd als godslasterlijk gezien door veel tijdgenoten. Wat doet Hij daar, aan de rechterhand van de Vader?

  • Romeinen 8:34. Jezus pleit voor ons, bidt voor ons. Wat bidt Hij? Dat wij ons geloof niet zouden verliezen. Opvallend is v.26: De Heilige Geest pleit ook voor ons. Een aanduiding hoe de drie, Vader-Zoon-Heilige Geest onderscheiden en ook niet onderscheiden zijn.
  • Hebreeën 7:23-25: Hij leeft om te pleiten. Hij is overwinnaar. Hij is pantocrator (zie vorige studie) en Hij is hogepriester. Ondanks Zijn overwinning, dient Hij ons nog altijd. Een prachtige boodschap.

Hier zien we ook weer het koninkrijk als ‘nu reeds’ en ‘nog niet’. Hij is overwinnaar, zit op de troon, aan de rechterhand (nu reeds). Hij pleit voor ons, bidt voor ons, omdat er nog een geestelijke strijd gaande is en Hij vecht voor ons (nog niet).

  • Efeze 2:6 – in Hem zijn wij gezet in de hemelse gewesten (letterlijke vertaling; de HSV is ok, de NBG is plat vertaald). Er is strijd, er is moeite, maar toch ziet God mij al ginder.
  • Kolossenzen 3:1-3 – mijn leven is ‘Christus in mij’ en dat is een verborgen leven. Christus is verborgen bij God. Daar is mijn leven.

Het feit dat Jezus aan de rechterhand van de Vader zit, is niet zomaar een weergave van feiten, maar heeft ook consequenties voor ons. Hij pleit voor ons, dat is magnifiek, maar dat wil ook zeggen dat het leven van christenen een verborgen realiteit heeft die pas geopenbaard zal worden als Jezus terugkomt. Ook in dit geval is het een kwestie van ‘nu reeds’ mogen we dat weten en leren om de dingen te bedenken die boven zijn, maar het is ook ‘nog niet’; dat leven is nog verborgen.

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.

Create a website or blog at WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: